Drymarchon couperi / Indigoslang- Care

Vorige Artikel 4 van 17 Volgende
Specificatie Omschrijving
Klasse: Reptilia
Orde: Squamata
Onderorde: Serpentes
Familie: Colubridae
Subfamilie: Colubrinae
Wetenschappelijke naam: Drymarchon couperi
Nederlandse benaming: Indigoslang
Engelse benaming: Indigo snake
Herkomst: V.S.
Voortplanting: ovipaar / eierleggend
Status: Bedreigd
Cites: B / II

Drymarchon couperi, (Holbrook, 1842)

De Indigo slang is een forse indrukwekkende slang die behoort tot de Colubridae. Deze soort word ook wel de Gopher slang genoemd omdat deze zich verbergt in de tunnels gegraven door de Gopher schildpad (Gopherus polyphemus) Helaas is de populatie van de Gopher schildpad sterk afgenomen. Dit, het verlies van habitat en door het stropen voor de dierhouderij is de populatie Drymarchon couperi sterk afgenomen. Zo sterk dat deze soort sinds 1978 beschermd is door de Amerikaanse staat. Des te belangrijk dat hobbyisten hun best doen om deze dieren goed te verzorgen en te kweken. Er zijn diverse hobbyisten die hier onderling aan werken doormiddel van het uitwisselen van informatie als ook bloedlijnen om inteelt te voorkomen.

 

Uiterlijke kenmerken:  De Drymarchon couperi is de langste slang van Noord Amerika. Volwassen mannetjes kunnen 260cm lang worden maar worden gemiddeld 230-240cm. Vrouwtjes blijven vaak aanzienlijk kleiner met 150-180cm. Het zijn forse sterke slangen. Er zijn twee vormen, de geheel zwarte vorm en de vorm waarbij de kop en kin een diep rood van kleur zijn. Bij sommige individuen is de buik ook deze diep rode kleur wat vaak het duidelijks te zien is bij pas geboren jongen. De variatie lijkt per regio te variëren. Juveniele dieren hebben een licht patroon met een blauwe kleuring. Deze kleuring verleent de dieren hun naam de indigo slang. Volwassen dieren verliezen dit patroon en hun lichaam word diep iriserend zwart van kleur.

 

Gedrag:   De indigo slang is aan dagactieve jager. Ze hebben een erg goed zicht en reukvermogen. In gevangenschap zijn het actieve en nieuwsgierige slangen. Ze laten zich vaak gemakkelijk hanteren en hebben een rustig karakter mits ze eenmaal gewend zijn aan de verzorger. Ze lijken zich erg bewust van wat zich in hun omgeving afspeelt. Dieren die zich bedreigt voelen zullen vaak proberen weg te komen. Worden ze echter gefixeerd dan zullen ze een sterk ruikende muskus geur uitstoten en vaak ontdoen ze zich dan ook van de inhoud van hun darmen. Dit om zo hun aanvaller af te schrikken. In gevangenschap komt dit gedrag echter nauwelijks voor.

 

Herkomst en habitat:  Deze soort komt alleen nog voor in Zuidoost Georgia en bijna geheel Florida. Ze houden zich op in een breed scala aan biotopen. Van droge schaarse gebieden tot vochtige moerassen.

 

Huisvesting:  Deze actieve slangen verdienen veel ruimte. Jonge dieren kan men groot brengen in kunststof containers als de grote platte Exo-Terra Faunarium (PT2310). Zij zullen hier echter snel uitgroeien. Volwassen dieren verdienen een verblijf van minimaal 180x80x50cm. Gezien dit bodembewoners zijn is een hoog terrarium niet noodzakelijk. Huisvest deze slang altijd apart om het consumeren van medebewoners te voorkomen.

Als bodembedekker kan men het beste kiezen voor een goed opnemend substraat. Dit vanwege hun rappe stofwisseling en vele uitscheiding. Beukensnippers of aspenbedding zijn droog en stofvrij. Hierop zijn gemakkelijk de uitwerpselen te zien en verwijderen. Vervang hun substraat maandelijks geheel. Plaats een box gevuld met vochtig mos of cocopeat. Deze vochtige schuilplaats maken de dieren graag gebruik van gedurende het vervellingproces en voor het leggen van eieren. Bied ten alle tijden een schaal met vers water. Fullspectrum daglichtlampen lijken een zeer positieve invloed te hebben op de activiteit en kleuren van deze slangen. Verlicht daarom afhankelijk van het seizoen 8 tot 13uur met een fullspectrum daglicht en UV TL balk. Verwarmen en het bieden van een hotspot kan doormiddel van een (halogeen)warmtespot, infrarood straler of een keramische straler. Bied een hotspot van 35C, de luchttemperatuur aan de warme zijde houd men gemiddeld rond de 27C met 24C aan de koele zijde. s’Nachts mag de temperatuur dalen tot 15C.

Deze soort verlangt een winterslaap van 2-4 maanden bij gemiddeld 7-10C.

 

Dieet:  Deze slangen eten bijna alles en zijn erg voedselgericht. Het zijn goede en actieve jagers. In het wild eet de Drymarchon couperi allerlei prooien. Knaagdieren, gevogelte, hagedissen en slangen maar ook vis, jonge alligators en er zijn berichten dat ze katten vangen en jonge schildpadden eten.

In gevangenschap bestaat het basis dieet voornamelijk uit ratten aangevuld met andere knaagdieren als muisjes, hamsters en gerbils. Hierop kan men variëren met kuikens, zoetwatervis als zalm en bijvoorbeeld kippenmaag en hart bepoederd met calciumpoeder zonder Vit. D3. Voer gemiddeld eens per 5 tot 7 dagen. Deze dieren kan men het beste voeren met prooien die niet breder zijn dan het dikste deel van hun lichaam. Voed de dieren dus bij voorkeur meerdere kleine tot middelmaat prooien in plaats van een grote. 

© 2015 - 2022 Het Terrarium | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel